Geschiedenis

verenigingsgebouw

“De in den laatsten tijd gehouden concoursen hebben ons doen inzien dat er veel animo voor de biljartsport bestaat”.

Met deze zin opent C.J. baron van Dedem van Driesberg op 29 april 1910 de oprichtingsvergadering in hotel De Doelen aan de Melkmarkt te Zwolle.

Men is goed voorbereid, want nog in dezelfde vergadering wordt de contributie vastgesteld en wel op f 2,00 per jaar en de oefenavonden, zo wordt verder besloten, zullen op vrijdag- en zaterdagavond in de Buitensociëteit worden gehouden, aangezien die zich in dat geval bereid heeft verklaard “ twee eerste klas biljarten te plaatsen”.

Men gaat voortvarend te werk, want op 11 en 12 maart 1911 wordt er al een nationaal concours georganiseerd, dat gewonnen wordt door de heer J. Dommering uit Arnhem, die niet alleen een gouden medaille krijgt voor het behalen van het kampioensschap maar tevens een zilveren voor de hoogste serie van 49 caramboles.

In de bestuursvergadering van 21 oktober 1913 besluit de ZBC toe te treden tot de Nederlandse Biljartbond. Hierbij wordt als argument gehanteerd, dat het lidmaatschap van de bond tot beter spel zal leiden. De leden van de ZBC strijden niet alleen onderling, doch ook worden wedstrijden gespeeld tegen veelal andere sociëteitsclubs uit Kampen, Leeuwarden, Groningen, Deventer, Arnhem, Amersfoort en zelfs Den Haag. De teams bestaan -evenals nu in de zogenaamde sociëteiten-competitie het geval is -uit zes spelers. Uit deze periode zijn nog enkele bekers en medailles bewaard gebleven, waarbij de medaille -gewonnen door voorzitter W.C. Tobias tijdens een concours tegen KBC uit Kampen in 1924- wel zeer bijzonder is. Het patroon van onderlinge- en sociëteits wedstrijden, afgewisseld door de organisatie van vele toernooien, is gedurende decennia lang hetzelfde. Zo speelt op donderdag 9 mei 1940 ZBC tegen KBC 1911. De wedstrijd wordt gewonnen door de Zwollenaren, die in feestelijke stemming huiswaarts keren, niet wetende wat enkele uren daarna ons land letterlijk en figuurlijk boven het hoofd zal hangen. Rotterdam wordt gebombardeerd en het begin van een vijf jaar durende bezetting is aangebroken.

Door “de inbeslagneming van de sociëteitslokalen”door de Duitsers kunnen grote toernooien niet meer worden gehouden en leden worden om diverse redenen slechts mondjesmaat aangenomen, maar toch worden in het tijdelijke clublokaal aan de Kamperstraat in het seizoen 1943-1944 voorwedstrijden gehouden om het kampioensschap derde klasse van de N.B.B. En hoewel de bekende Zwolse biljarter, de heer A.N. de Kleine als winnaar wordt gehuldigd, moet hij in de slotpartij zijn meerdere erkennen in de persoon van de heer E.v.d. Kolk, die zich als uiterst getalenteerde in latere jaren zal ontwikkelen tot de speler, die vele kampioenschappen op zijn naam zal schrijven. Het seizoen 1944-1945 is bijzonder in de historie van de ZBC en wel in die zin, dat men bijna een jaar lang niet de beschikking heeft over de biljarts.

De jaren van de wederopbouw -zo gekenmerkt door hard werken en enthousiasme- zijn ook te waar te nemen bij de Zwolse Biljartclub. Het ledenaantal loopt op tot zestig en dat wordt tevens als maximum vastgesteld. Een en ander in verband met de speeltijdverdeling. Vele wedstrijden en toernooien worden gespeeld, maar voor enkele van de topspelers, waaronder de Kleine en van der Kolk, is dat kennelijk niet genoeg, want zij komen ook nog voor andere verenigingen uit in de competitie; hetgeen slechts oogluikend wordt toegestaan. Want hoewel het elitaire van voor de oorlog enigszins is verdwenen, is er binnen de ZBC nog steeds enige weerstand tegen het spelen in zekere cafe’s. De overigens door een ieder gerespecteerde voorzitter Goedemoed zegt daarover nog in 1952, dat men binnen de ZBC maar een andere voorzitter moet zoeken wanneer van hem wordt verlangd de toernooien in de cafe’s te bezoeken. De tijdgeest doet zich echter gelden en in 1956 wordt het ZBC-lid de heer G. Zandvoort zelfs gekozen tot voorzitter van het district Zwolle en Omstreken.

Van 14 tot en met 16 maart 1958 wordt de organisatie van de voorwedstrijden om het kampioensschap in de hoofdklasse 38/2 klein biljart toevertrouwd aan de ZBC en tijdens deze wedstrijden bewijst van der Kolk zijn grote klasse door het toernooi op zijn naam te schrijven met een algemeen gemiddelde van 30,62. Tijdens het 50-jarig jubileum in 1960 memoreert de voorzitter van de K.N.B.B. -de heer J.J. van Vliet- het feit, dat de ZBC behoort tot de oudste biljartverenigingen in ons land; zo echter niet de leden, want ’s avonds gaan de beentjes van de vloer op muziek van het destijds bekende ensemble van Chris Backers en Emmy van der Vegt. Nogmaals een teken van de veranderende tijdgeest.

In 1965 wordt door de ZBC de organisatie verzorgd van het kampioensschap eerste klasse libre van het district Zwolle en Omstreken. Van de zijde van de ZBC nemen hieraan deel de heren A. van Vilsteren en J. Th. Heins, die respectievelijk tweede en zevende worden. De eerste plaats is voor de heer van Rijssen, die het toernooi besluit met een algemeen gemiddelde van 10,14. De deelnemers prijzen de organisatoren -en waarschijnlijk terecht- doch het animo binnen de club is tanende. Mogelijk vanwege de concurrentie van de televisie, maar de clubavond wordt steeds minder bezocht. Zelfs zodanig, dat men zelfs overweegt het lidmaatschap van de bond te beëindigen. Zover komt het niet, maar het zegt wel degelijk iets over de gevoelens binnen de club. De prestaties op het groene laken worden duidelijk minder en bij het jubileumfeest op 2 mei 1970 zegt bondsvoorzitter -de heer P.J.M. van Engelen- dat de drang tot presteren in zijn algemeenheid terugloopt en dat het vrijblijvend beoefenen van de sport sterk terrein wint. De ZBC is daarvan een sprekend voorbeeld, zo concludeert hij. Een en ander wordt ook in volle omvang duidelijk uit het gegeven, dat op 1 mei 1976 de ZBC 51 leden telt waarvan er in de spelsoort libre nog slechts drie een gemiddelde realiseren van boven de vier. Kortom, de ZBC beweegt, doch in een traag tempo. Maar dan valt er aan het begin van het seizoen 1978/1979 een brief van de gemeente in de bus met de uitnodiging een vertegenwoordiger te sturen om in het kader van het 750-jarig bestaan van Zwolle een vergadering bij te wonen om te bezien welke sportevenementen aan de viering van dat feit extra luister zullen kunnen bijzetten. De ZBC gaat op de uitnodiging in en de voorzitter, de heer C.B. Hoogendoorn, bezoekt deze vergadering, die voor de ZBC als resultaat zal hebben, dat de club het nationaal kampioensschap ereklasse 47/2 mag organiseren. Dit toernooi vindt plaats van 3 tot en met 6 januari 1980 en kent in de persoon van de 23-jarige Nijmegenaar Jos Bongers een sterke winnaar. Zijn hoogste serie is 372 en zijn algemeen gemiddelde 68,29. En ook na dit toernooi krijgt de ZBC alle lof voor de organisatie; zelfs zodanig, dat het de vice-voorzitter van de KNBB, de heer J.Lageweg, euforisch doet verkondigen, dat de ZBC ook de organisatie van een Europees kampioensschap wel kan worden toevertrouwd.

In 1983 wordt bestuurlijk afscheid genomen door de heren C.B. Hoogendoorn en S.Leeuwrik. Beide heren hebben voor de ZBC zeer veel betekend. Leeuwrik is achttien jaar secretaris geweest en Hoogendoorn koppelde aan een secretarisschap van zeventien jaar nog eens achttien voorzitterschap vast. De laatste wordt door de voorzitter van de bond -de heer J. Lageweg- in de voorjaarsvergadering van 11 mei 1983 tot bondsridder geslagen en krijgt de daarbij behorende versierselen opgespeld. Volkomen terecht gezien de leidende rol die Hoogendoorn zoveel jaren binnen de ZBC heeft gespeeld.

In 1984 wordt door de ZBC een belangrijke beslissing genomen en wel de volgende: leden, die belangstelling hebben voor het spelen in competitieverband, kunnen zich melden bij de wedstrijdleiders. Het bestuur van de Buitensociëteit had haar bezwaren uit het verleden kennelijk overboord gezet en het daartoe door de ZBC gedane verzoek goedgekeurd. De belangstelling hiervoor blijkt echter gering te zijn, want in de jaarverslagen over de latere verenigingsjaren tot en met 1988 wordt er met geen woord meer over gerept. Over de gebeurtenissen binnen de vereniging in deze en daarop volgende jaren kan de geschiedschrijving overigens ook kort zijn. Het clubleven binnen de ZBC voltrekt zich als het trage stromen van de IJssel op warme zomerse dagen.

De voorzitters, de heren H Dijk en W.G. van Oortmerssen, doen er met hun overige bestuursleden ongetwijfeld alles aan om de leden te enthousiasmeren doch zonder enig noemenswaardig effect. De vergaderingen worden slechter bezocht en die van 11 oktober 1989 wordt zelfs geschorst om naar de voetbalbal wedstrijd Nederland-Wales te kunnen kijken. Op 24 april 1991 wordt de al in 1984 genomen beslissing tot uitvoering gebracht: een zestal leden gaat deelnemen aan een competitie van het district Zwolle en Omstreken. Voor het seizoen 1991-1992 worden ingeschreven de heren H. de Vries, J. Bongers, L. A. Jansen, G. Van Waning Bolt en A.Witz. Dit blijkt een succes te zijn, want in het volgende seizoen vaardigt de club al twee teams af. In de jaren die volgen worden oude contacten nieuw leven ingeblazen door te spelen tegen sociëteitsteams van Apeldoorn en Deventer, worden als vanouds de maatspartijen gespeeld en worden club kampioenschappen gehouden. Men neemt met meerdere teams deel aan de competitie van het district Zwolle en Omstreken en het bestuur laat geen gelegenheid voorbij gaan om jubilea op grootse wijze te vieren waarbij de viering van het 100-jarig bestaan in 2010 wel zeer bijzonder is. Ter gelegenheid van dit heuglijke feit wordt op verzoek van voorzitter A.J. Disselhof door een van de leden -de heer G. Fijn- contact gelegd met de K.N.B.B. hetwelk als resultaat heeft dat de ZBC de organisatie krijgt toegewezen van het Nederlands Kampioenschap Libre Hoofdklasse voor jeugd. Dit kampioenschap wordt gehouden op 8 en 9 mei 2010 en kent als winnaar de vijftienjarige Ferri-Diego Jong. Het is een goed geslaagd evenement, dat de voorzitter van de K.N.B.B. Vereniging Carambole-de heer J. Labrujere- de opmerking ontlokt het zeer bijzonder te vinden dat één van de oudste verenigingen van ons land dit kampioenschap voor de jeugd organiseert.

Wij schrijven 2014, de ZBC is gezond en hopelijk kan dat over zesenveertig en zesennegentig jaren nog worden gezegd.

Leden in actie

Leden in actie